Marieke Beerda
02/08/2026

Leiderschap op een oud speelveld

02/08/2026


Waarom rationele logica vastloopt in een verschoven tijdgeest


Er zijn fases waarin leiders vastlopen omdat ze blijven functioneren in een systeem dat formeel nog klopt en inhoudelijk steeds meer wringt. Aan de buitenkant werkt het nog. Structuren staan, besluiten worden genomen, KPI’s worden gehaald. En toch groeit het ongemak. Richting geven kost meer energie dan voorheen. Besluiten voelen zwaarder. Afstemming vraagt meer woorden, meer overleg, meer bijsturing. Alsof alles correct wordt uitgevoerd, maar niets nog vanzelf draagt.

Dat ongemak wordt vaak persoonlijk gemaakt. Leiders trekken het naar zichzelf toe. Ze vragen zich af of ze scherper moeten sturen, meer moeten luisteren, anders moeten communiceren. Ze investeren in betere processen, extra reflectie, nieuwe interventies. Wat zichtbaar wordt, is een enorme bereidheid om te verbeteren. En precies dát maakt het zo verraderlijk. Want hoe consistenter dit systeem blijft doen wat jarenlang werkte, hoe minder ruimte er ontstaat om te reageren op wat inmiddels is veranderd.

Opvallend is dat veel leiders in deze fase juist méér investeren in ontwikkeling. Ze volgen nieuwe leiderschapstrainingen, verdiepen zich in communicatie en gedrag, en scherpen hun vaardigheden verder aan. Dat vergroot hun competentie en verandert niets aan het speelveld waarin die competenties worden ingezet. Zo ontstaat de paradox dat ontwikkeling leidt tot meer van hetzelfde, terwijl de frictie juist daar vandaan komt.

Wat hier zichtbaar wordt, is een systeem dat is blijven optimaliseren voor een speelveld dat structureel is verschoven.

Lang werkte deze manier van sturen uitstekend. Leiderschap was gericht op beheersing, voorspelbaarheid en het reduceren van risico’s. Besluitvorming volgde lineaire logica: analyseren, kiezen, uitvoeren, bijsturen. Dat model paste bij een tijd waarin verandering zich relatief traag voltrok en de omgeving voldoende stabiel was om op voort te bouwen. Het systeem leverde resultaat, continuïteit en schaal. Precies daarom is het zo diep verankerd geraakt.

En de context waarin dat systeem functioneert, is fundamenteel veranderd. De tijdgeest is verschoven. Complexiteit is toegenomen, onzekerheid structureel geworden, en vraagstukken zijn niet langer eenduidig oplosbaar. Toch wordt er nog steeds gestuurd alsof de werkelijkheid zich laat vangen in dezelfde logica. Alsof meer afstemming, snellere besluitvorming of extra controle voldoende is om de spanning op te lossen.

Daar ontstaat de frictie.

Leiders reageren steeds adequater op signalen, maar die signalen zijn micro, terwijl de frictie macro is. Het systeem wordt steeds bedrevener in reageren, maar verliest ondertussen zijn vermogen om te herijken. Richting ontstaat pas bij druk. Urgentie wordt de motor, omdat het systeem zo is ingericht. Dat is geen daadkracht, dat is afhankelijkheid van frictie om beweging te voelen.

In die dynamiek wordt herhaling geen kracht meer, maar een mechanisme dat het systeem vastzet.

Het paradoxale is dat alles rationeel blijft. Besluiten zijn verdedigbaar, processen logisch, keuzes uitlegbaar. En juist daarom is het zo lastig te zien dat het probleem niet zit in wat er wordt gedaan, maar in waarbinnen het wordt gedaan. Stagnatie betekent hier niet dat er te weinig gebeurt, maar dat er op het verkeerde niveau wordt gekeken. Nieuwe oplossingen binnen een oud speelveld lossen niets op; ze verlengen vooral de verwarring.

Dit is een overgangsfase. In zulke fases werkt het oude nog net genoeg om niet direct los te laten, terwijl het nieuwe nog onvoldoende vorm heeft om op te steunen. Leiders die hier middenin staan, voelen dat scherp. Ze zijn niet onkundig en ook niet star. Integendeel. Vaak zijn het juist de leiders met ervaring en reflectievermogen die deze spanning het eerst voelen, omdat zij het verschil herkennen tussen wat ooit werkte en wat nu begint te schuren.

De tijdgeest wacht niet tot systemen zich aanpassen. Wie blijft sturen vanuit oude logica, vergroot onbedoeld de kloof tussen systeem en context. Die kloof vertaalt zich niet meteen in instorting, maar wel in oplopende frictie. Het kost meer energie om hetzelfde effect te bereiken. Besluitvorming vertraagt, legitimiteit wordt brozer, en de afstand tot mensen, markt en maatschappij groeit.

Stilstand in een verschoven speelveld is nooit neutraal.

Wie dit blijft benaderen als een uitvoeringsprobleem, mist waar de frictie werkelijk ontstaat.

#leiderschap #systeemdenken #bewustzijnseconomie #tijdgeest #duurzaaminbalans

Reacties